Indo-Malay.reismee.nl

weg van Bali

Eindelijk gaat mijn langgekoesterde wens in vervulling! Ik stapte in het vliegtuig op weg naar de Komodovaranen. In mijn jeugdige overmoed had ik gedacht deze reis te kunnen maken door op mijn brommertje te stappen en eventjes te gaan eilandhoppen: vanuit Bali naar Lombok, dan Soembawa een vervolgens naar Flores om vandaaruit naar de eilanden te gaan waar deze dinosaurussen leven. Nou, iedereen die het weten kon heeft me datafgeraden en ik heb het later ook zelf gezien. Wat een naiveling was ik!

Vanuit de lucht kon ik het al zien toen we boven Flores vlogen: deze omgeving moet prachtig zijn.En dat was het ook! We landden in Labuan Bajo op de uiterste westpunt van Flores. De uitzichten op weg naar het hotel waren adembenemend! Een azuurblauwe zee, eilanden verstrooid voor de kust, boten en bootjes dobberend op het water. Ongelooflijk mooi. Later moest ik het mezelf nog vele malen bekennen: Bali zinkt hierbij in het niet! Dit is werkelijk paradijselijk!. De accu is leeg, dus ik moet onderbreken,maar ga morgen verder.

Bij de uitgang van het vliegveld stonden enkele afhalers klaar waaromder ook een paar freelance travelagents. Ik werd opgevagen door een van hen, ik moest tenslotte transport hebben en taxis zoals op Bali kennen ze hier niet. Dus gaf ik het adres van het reeds geboekt hotel op. De rit er heen was een openbaring voor me. We klommen omhoog tegen de heuvels op, de uitzichten waren breathtaking and last but not least: we konden gewoon doorrijden, geen files, geen vastzittend verkeer, geen tuterende brommers die overal tussendoor kropen, geen spookrijders. In een woord: WAUW!!!

Mijn prive travelagent bracht me eerst naar een restaurant met uitzicht over de zee en de eilanden. Hij legde me een programma voor voor de komende dagen, maar ik had alleen aandacht voor het paradijselijke uitzicht. Niet te geloven, dat ik dit mocht meemaken. Jammer, dat Rietje dit gemist heeft 37 jaar geleden toen we in Indonesie waren, maar ja, de kinderen waren toen te klein om deze reis te maken. Het programma dat ik aangeboden kreeg, bestond uit twee dagen op zee varen, waarbij de varaneneilanden Rinca en Komodo zouden worden aangedaan en ook nog andere eilanden. Naar later bleek werkelijke Bounty-eilanden met smetteloos witte zandstranden. Stranden die je voor jou alleen had, die je niet hoefde te delen met andere toeristen, noch met verkopers van etenswaren en toeristische rotzooi, zonder beheerders van strandstoelen die je probeerden hun ligstoel aan te smeren voor westerse prijzen. Kortom, dit is Indonesie zoals Indonesie hoort te zijn. Dit is geen Bali, die volledig verpest is door het toerisme.

Het hotel was ook al een verrassing. Prachtig gelegen, hoog in de heuvels met uitzicht op de zee, kleinschalig en tot mijn verrassing . . . . . . . geleid door een jonge Nederlandse vrouw, getrouwd met een Floressiaan (zeg je dat zo?)! Om een uur of drie in de middag ging ik aan boord. Stel je voor: een hele boot met bemanning (een schipper met twee zoons) voor mij alleen! Een vloeiend engels sprekende gids voor mij alleen! Onnodig te zeggen dat ik genoot van iedere minuut op het water, af en toe deden we een eiland aan waar ik kon zwemmen en snorkelen. Maar dat laatste is niet aan mij besteed. De vissen en de koralen waren betoverend mooi, daar gaat niets van af, maar na vijf minuten onder water kreeg ik het (mentaal) spaans benauwd waardoor ik de techniek van het ademhalenmet de snorkelvergat en in paniek raakte. Dus maar gewoon zwemmen en zonnen, da's voor mij genoeg. Een enkele keer passeerden we een andere boot met toeristen of we ontmoetten ze op een strandje ergens op een eiland, dan was het natuurlijk zwaaien of een praatje maken als er gelegenheid voor was. Opvallend veel Fransen en (natuurlijk) Nederlanders. Tegen een uur of zes legden we aan voor de kust van een eiland met mangrove-bossen waar duizenden vliegende honden (hele grote vleermuizen met hondenkoppen) nestelen. Alsof we het met ze hadden afgesproken: kwart over zes vlogen ze met honderdenuit naar Flores, op zoek naar voedsel. Toen de duisternis inviel, werd de maaltijd voor mijn gids (Alexander) en mij op tafel gezet: witte rijst, vers gevangen (gebraden) vis, groente, vlees, tempeh en tahoe. Wat kan een mens nog meer verlangen? Deze plek moet geheim blijven voor andere toeristen, anders verwordt het net als Bali tot een kermis van massatoerisme! Niet verder vertellen, dus! Okay?

Trouwens wat de bevolking betreft: ze zien er anders uit dan de Javaan of de Balinees. Ze zijn donkerder, hebben scherpere trekken, een beetje kroezig haar, ze zijn langer en slanker en bewegen zich anders. Verder is 85 % van hen katholiek en hebben westerse namen, zoals Alexander, Jack (mijn toeroperator), Mantje (mijn chauffeur, jaja) en ook mijn hulp op Bali die hiervandaan komt (Shirley) en later mijn andere gids Theo.

Na het eten kregen we vers fruit voorgeschoteld en nadat Alexander en ik nog wat napraatten, gingen we de nacht in. Diepe duisternis rondom, immense stilte behalve dan het klotsen van de golven tegen de boot.

Reacties

Reacties

Jan

Prachtig Godfried en mooi beschreven, wish I were there too!

Liefs, Jan

{{ reactie.poster_name }}

Reageer

Laat een reactie achter!

De volgende fout is opgetreden
  • {{ error }}
{{ reactieForm.errorMessage }}
Je reactie is opgeslagen!